De Meststoffenwet bestaat uit een verzameling regels en regelgeving. Aan elk van die regels moet worden voldaan. Maar het is ook regelgeving die onderling samenhangt: neemt het P-gehalte in het voer toe, dan neemt de fosfaatproductie door de dieren ook toe. Om aan de gebruiksnormen te kunnen voldoen zal dan meer mest moeten worden afgevoerd, minder mest kunnen worden aangevoerd of zal de eindvoorraad dierlijke mest toenemen. Maar ook neemt (wellicht) de verwerkingsplicht toe, zijn dan extra VVO’s nodig en kan misschien minder of juist meer kunstmest worden toegediend. Gaat het ergens mis dan kunnen de financiële gevolgen behoorlijk zijn: van extra vervangende verwerkingsovereenkomsten die onverwacht op het laatste moment nog moeten worden aangeschaft tot een aanzienlijke boete die… Lees meer
Lees verderUitzonderingen berekening melkveefosfaatoverschot 2014
Het wetsvoorstel ‘Verantwoorde groei melkveehouderij’ stelt grenzen de aan de groei (zonder extra grond) van het melkveefosfaatoverschot op een bedrijf ten opzichte van het melkveefosfaatoverschot in 2014. In een aantal situaties is het melkveefosfaatoverschot in 2014 niet representatief voor de normale bedrijfssituatie en de ontwikkeling van het bedrijf. Staatssecretaris van Dam heeft aangegeven dat dit, naar zijn mening, aan de orde in twee specifieke situaties. In de eerste plaats kan dit het geval zijn wanneer door medewerking van het bedrijf aan de realisatie van een natuurgebied of publieke infrastructuur waarbij sprake was van tijdelijke vergroting van de grond in gebruik bij het bedrijf als gevolg van participatie in een dergelijk project. De fosfaatruimte kan hierdoor in 2014 groter… Lees meer
Lees verderAdministratie bij scheiding van drijfmest
Het scheiden van drijfmest is een relatief eenvoudige en vaak toegepaste methode om met een beperkt volume, relatief veel fosfaat af te zetten en daarmee te voldoen aan de mestverwerkingsplicht. De mest wordt gescheiden in een dunne en een dikke fractie. De dikke (vaste) fosfaatrijke fractie wordt afgevoerd van het bedrijf en uiteindelijk geëxporteerd. Het scheiden van drijfmest is echter ook regelmatig de oorzaak van een mestboete. Veelal gaat het dan om onlogische gehalten, maar ook het ontbreken van een goede administratie met betrekking tot het scheiden van de mest of het niet gebruiken van de juiste werkingscoëfficiënten van de scheidingsproducten (en daarmee het gebruiken van teveel kunstmest) kunnen aanleiding zijn voor het opleggen van een mestboete. Over deze laatste zaken hieronder iets… Lees meer
Lees verderOver een oude bezinklaag…
Onlangs deed het College voor Beroep van het bedrijfsleven (hierna: CBb) een (tussen)uitspraak in een langlopende zaak die handelde over het wel of niet mogen inrekenen van een bezinklaag bij de bepaling van de eindvoorraad dierlijke mest. Aan een vleesvarkensbedrijf (hierna: appellante) werd over 2007 (!) een boete opgelegd vanwege het niet voldoen aan de verantwoordingsplicht. In bezwaar en beroep heeft appellante betwist deze overtreding te hebben begaan. Appellante voert aan aantoonbaar alle op haar bedrijf geproduceerde mest te hebben afgevoerd. Het aantal varkens dat is gehouden staat vast. Aan de hand daarvan kan de hoeveelheid geproduceerde mest worden berekend. Appellante heeft aangetoond al deze mest (gemeten in tonnen) te hebben afgevoerd en heeft… Lees meer
Lees verderInternetconsultatie ontwerpwijziging Uitvoeringsregeling Meststoffenwet equivalente maatregelen
Staatssecretaris Van Dam van Economische Zaken heeft een ontwerpwijziging van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet, waarin een verhoging van de fosfaatgebruiksnorm en stikstofgebruiksnorm bij het treffen van de equivalente maatregelen mogelijk wordt gemaakt, via een open internetconsultatie ter inzage gelegd. De inzagetermijn eindigt op 13 mei 2016. De ontwerpwijziging maakt een verhoging van de fosfaatgebruiksnorm of stikstofgebruiksnorm mogelijk indien een landbouwer ervoor kiest één van de volgende zogenaamde ‘equivalente maatregelen’ op bouwland te treffen: stikstof- en fosfaatgebruiksnormen afhankelijk van de gewasopbrengst; Een hogere stikstofgebruiksnorm bij vervanging dierlijke mest door kalkammonsalpeter (KAS), chilisalpeter, kalksalpeter, stikstofmagnesium of mineralenconcentraat; Een hogere stikstofgebruiksnorm bij rijenbemesting in mais op zand en lössgronden. Doel van de internetconsultatie is het… Lees meer
Lees verderWel een vervoersdocument, maar geen mesttransport…
Onlangs deed het College voor Beroep van het bedrijfsleven (hierna: het CBb) uitspraak in een zaak waarin sprake was van het niet naar waarheid verrichten van laad- en losmeldingen bij het vervoer van dierlijke mest en het niet naar waarheid opstellen van Vervoersdocumenten Dierlijke Meststoffen (hierna: VDM’s). Aan drie appellanten werden meerdere bestuurlijke boetes opgelegd van in totaal € 1.200,- per appellant. Grondslag voor de boete was een rapport opgemaakt door toezichthouders van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (hierna: NVWA). Daarin werd geconstateerd dat appellanten zes keer de artikelen 55 en 56 van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet hadden overtreden door vervoersgegevens over het laden en lossen van vaste mest vast te leggen met behulp van apparatuur… Lees meer
Lees verderOntheffing mestverwerkingsplicht alleen in uitzonderlijke individuele gevallen
Stel je start met een aantal veehouders een project om een mestverwerkingsinstallatie van de grond te krijgen. Door omstandigheden kost de feitelijke realisatie echter veel meer tijd dan verwacht. Dan maak je dubbele kosten: de inleg voor de ontwikkeling van de nog niet operationele verwerkingsinstallatie is al geïnvesteerd en je moet jaarlijks kosten maken om alsnog te voldoen aan de mestverwerkingsplicht. Een (tijdelijke) ontheffing van de mestverwerkingsplicht zou hier enige verlichting in kunnen bieden. Over deze kwestie deed het College voor Beroep van het bedrijfsleven (hierna: CBb) onlangs een uitspraak. Appellanten zijn enkele jaren gestart met een initiatief om te komen tot gezamenlijke mestverwerking en hebben daartoe een coöperatie opgericht. Het plan bevindt… Lees meer
Lees verderOver de bewijskracht van GPS losmeldingen
Wanneer een vracht dierlijke mest wordt gelost of geladen, is het verplicht hiervan een zogenaamde GPS melding te doen. Op deze manier wordt de exacte positie van de los- of laadplaats van de betreffende vracht vastgelegd. Dat dergelijke GPS Losmeldingen ook tot discussie kunnen leiden, blijkt uit onderstaande uitspraak van het College voor Beroep voor het bedrijfsleven (hierna: het College), die handelde over de bewijskracht die aan GPS losmeldingen mag worden toegekend. In de betreffende casus werd appellant verweten teveel mest te hebben aangevoerd en daarmee de gebruiksnormen te hebben overschreden. Het geschil spitste zich toe op de vraag of 12 vrachten dierlijke mest wel of niet door appellant zouden zijn aangevoerd. Appellant zelf ontkent dat de twaalf vrachten in haar… Lees meer
Lees verderVanaf 2017 fosfaatrechten voor de melkveehouderij
Staatssecretaris van Dam heeft per brief aan de Tweede Kamer aangegeven dat en hoe hij het systeem van fosfaatrechten in de melkveehouderij wil invoeren. De afgelopen maanden is er uitvoerig overleg geweest tussen het ministerie en de zogenaamde regiegroep ( LTO Nederland, de Nederlandse Zuivelorganisatie, het Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt, Netwerk GRONDig en de Stichting Natuur en Milieu) over de invulling van het systeem. De uiteindelijke opzet is dan ook een compromis tussen de wensen van de diverse partijen. Een groot aantal van die wensen hebben we de afgelopen periode in de media al voorbij zijn gekomen (ontzien extensieve bedrijven, generieke korting, afroming bij transacties, vrije verhandelbaarheid, etc). Hieronder kort een aantal hoofdpunten uit de… Lees meer
Lees verderKan ik nog VVO’s registreren na afloop van een kalenderjaar?
In 2014 is de zogenaamde mestverwerkingsplicht ingevoerd. Deze verplichting geldt voor veehouders die met hun dieren meer fosfaat produceren dan op de bij het bedrijf geregistreerde grond mag worden geplaatst. Wanneer dat het geval is moeten deze veehouders, afhankelijk van de regio waarin ze zijn gevestigd, een deel van dit fosfaatoverschot laten verwerken. De mogelijkheden hiertoe zijn via rechtstreekse verwerking of export (vervoersdocument mest met opmerkingscode code 61), niet-rechtstreekse verwerking of export oftewel de zogenaamde driepartijenovereenkomst (afgekort: 3PO of DPO) of via de overdracht van de verwerkingsplicht naar een collega via een zogenaamde Vervangende Verwerkingsovereenkomst (afgekort: VVO). Op het niet of niet volledig voldoen aan de verwerkingsplicht staat een boete van 11… Lees meer
Lees verder